Aandachtspunten voor inzet van vleermuiskasten bij bestrijding eikenprocessierups

Nestkasten worden ingezet tegen de eikenprocessierups
Foto: Jan KASZUBA via Pixabay

In veel eikenlanen zijn de laatste twee jaar mezenkasten en vleermuiskasten opgehangen als hulpmiddel bij de ecologische bestrijding van eikenprocessierupsen.

Waar de mezenkasten wel degelijk mezen aantrokken, bleven veel vleermuiskasten leeg. Oorzaak: eikenprocessierupsen hangen graag hun nest aan alles wat aan een eikenboom uitsteekt, inclusief een vleermuiskast. Wat kun je daaraan doen?

Vleermuizen en mezen als biologische bestrijders

De brandharen van eikenprocessierupsen kunnen bij mensen veel overlast veroorzaken. Aanvankelijk werden de rupsen en hun nesten weggezogen of -gebrand, maar naarmate de omvang van de overlast toenam, werden ook steeds vaker bestrijdingsmiddelen gebruikt. Omdat deze middelen niet alleen de eikenprocessierupsen doden, maar ook de rupsen van andere vlinders en andere insecten, werd gezocht naar een ecologisch verantwoorde aanpak.

Het lokken van de natuurlijke vijanden van eikenprocessierupsen en de volwassen vlinders is dan een voor de hand liggende aanpak. Vanaf circa 2018 werden in toenemende mate mezenkasten en vleermuiskasten ingezet. Van koolmezen en pimpelmezen is bekend dat ze dol zijn op rupsen, ook eikenprocessierupsen. Bovendien nemen ze snel een mezenkast als nestplaats in gebruik. De mezen broeden al in het vroege voorjaar, als de rupsen nog klein zijn en kunnen in die periode duizenden rupsen verorberen.

Vleermuizen eten echter geen rupsen; ze eten veel liever de volwassen vlinders. Daarmee kunnen ze voorkomen dat deze volwassen vlinders zich voortplanten en de eitjes voor de nieuwe generatie eikenprocessierupsen afzetten.

Gekraakte vleermuiskasten

Wie een vleermuiskast aan een door eikenprocessierupsen aangetaste eik hangt, heeft grote kans op een vervelend bijeffect, namelijk een door rupsen ‘gekraakte’ vleermuiskast. De rupsen zien een vleermuiskast als geschikte nestlocatie. Het nest wordt dan onder, achter en soms ook gedeeltelijk in de kast gemaakt.  Dat is nadelig voor vleermuizen, die door het grote oppervlak van hun vlieghuid zeker last ondervinden van de brandharen. Bij mezenkasten in dezelfde lanen werd soms hetzelfde verschijnsel gezien, maar in veel mindere mate dan bij de vleermuiskasten. Dit komt waarschijnlijk doordat de mezen al in een vroeg stadium de rupsen rond hun mezenkast wegpikken.

Inzet van vleermuiskasten tegen de eikenprocessierups

Als vleermuiskasten aan aangetaste eiken worden gekraakt door de processierupsen, is er een andere aanpak nodig om vleermuizen toch in te zetten voor de biologische bestrijding van die rupsen. Een aantal adviezen op een rij:

  1. Kies vleermuiskasten die geschikt zijn voor soorten die grote en middelgrote nachtvlinders op hun menu hebben staan. Zoals grootoorvleermuizen en rosse vleermuizen. Dwergvleermuizen eten voornamelijk kleinere prooien en zullen geen grote aantallen eikenprocessierupsvlinders eten. Kies vooral ook kwalitatief goede vleermuiskasten, die lang mee kunnen gaan.
  2. Hang de vleermuiskasten niet aan door eikenprocessierups aangetaste eiken, maar aan andere boomsoorten en gebouwen in de directe omgeving. Plaats de kasten op tenminste 4,5 meter hoogte en zorg voor een vrije uitvliegruimte.
    • Zijn er in of nabij een aangetaste eikenlaan of eikenperceel geen andere bomen of gebouwen aanwezig, dan is het ook mogelijk om vleermuiskasten op palen te plaatsen. Let er dan wel op dat deze paalkasten op een schaduwrijke plek staan.
    • Zijn er geen andere bomen dan eiken? Dan biedt het aan één boom plaatsen van een mezenkast én een vleermuiskast wel mogelijkheden. De mezen zullen namelijk ook de rupsen bij de vleermuiskast wegpikken en voorkomen dat er een groot nest met brandharen ontstaat. Er zijn ook combikasten waarin zowel mezen als vleermuizen kunnen verblijven.

Geïntegreerde aanpak

Het aanbieden van kasten voor mezen en vleermuizen kan een bijdrage leveren aan de bestrijding van eikenprocessierupsen. Er is echter meer nodig om de overlast van deze rupsen op grotere schaal terug te dringen. Uit diverse onderzoeken blijkt dat een teruglopende biodiversiteit in het agrarisch landschap en bossen leidt tot het verdwijnen van predatoren van eikenprocessierupsen, zoals diverse sluipwespen, sluipvliegen en gaasvliegen. Het terugbrengen van deze biodiversiteit met behulp van bloemrijke weilanden en akkerranden, afnemend gebruik van insecticiden en een netwerk van lanen en houtwallen kan de overlast van plaagsoorten verminderen.

Bron: Nature Today (Link artikel)

X

Meld je nu aan voor onze nieuwsbrief
Aanmelden